Het seizoen dat niet bestaat

Welk seizoen bedoel je?
In de bergen is er de winter voor de skiërs. En ook een beetje voor ijsklimmen, snowshoeing en zo. De zomer is voor al de rest : fietsers, wandelaars, rotsklimmers, ... Als je echt wil is er een korte lente eind / mei begin juni en een korte herfst eind september en oktober. En april/mei en november... Eh... die bestaan niet. Die zijn voor de locals. Om onder elkaar toffe dingen te doen, om van alles te herstellen. Om te sakkeren op de modder en de schade van tijdens de winter. Je hoort er, voor de mensen die hieral generaties lang wonen, pas echt bij als je het seizoen dat niet bestaat in al zijn facetten hebt meegemaakt. 

Waarom ?
Ik houd nu eenmaal van de bergen als ze heerlijk rustig zijn. Dat was het enige echte doel deze week. Het toeval wil dat er een hele week perfect weer / laag lawinerisico is aangekondigd. Dus werd het niet het modderseizoen in een lager gelegen gebiedje bv. de Bauges of Chartreuse. Maar wel de Thabor waar ik de hele kaart met alle winterse tochten nog in het hoofd had zitten van februari. 
In de rugzak kookvuurtje en eten voor 6 dagen. En de tent / matje / slaapzak. Geen vast plan ; zodra het weer omslaat doen we immers iets anders.

Wat ?
7 stapdagen in het Mont Thabor gebied. Overnachting in de tent (laag genoeg dan wel) of in onbewaakte berghutten. Op routes die ook bij iets of wat lawinerisico veilig zijn. Want ook in het seizoen dat niet bestaat ligt er hoog in de bergen nog veel sneeuw. Als het opwarmt kan die beginnen schuiven. Bij een aprilse gril (of een meise frivoliteit) valt er misschien nog een pak verse sneeuw.

Dag 0 Aankomen in Valloire. 
Het skistation sloot al een week geleden. De trein naar St-Michel en Modane is heerlijk kalm. De andere sporters op de trein zijn fietsers.
Geen bus. Met een combinatie van liften en stappen raak ik in Valloire. Gelukkig wonen en werken hier ook nog mensen. Maar 80% van de gebouwen zijn leeg en afgesloten. 
Ik stap nog een klein uur verder. Boven les Verneys vind ik een discreet plekje voor de tent. Geen sneeuw - wel voorzichtige krokussen. In de voorbije 2 weken is de sneeuwgrens razend snel opgeschoven naar 1600 à 2000 m.

Dag 1 - Les Verneys - Col des Cerces - Les Banchets - Ref. des Drayères 
19 km 1200 m+ 600 m-

Vroeg opstaan. Profiteren van de sneeuw die door de nachtvorst een stevige korst kreeg. Direct na Les Verneys (1550) kreeg ik nog een flinke reminder over het geweld van lawines. Een half bos weg.
De eerste 2 uur waren saai. Verstand op nul en doorstappen. Waar het kon nam ik een paadje, maar meestal bleef het de asfaltweg. Die wordt eerst helemaal in orde gezet voor de auto's er terug opmogen. Vorig week was het sneeuwvegen tot plan Lachat (1960). Nu was het de finishing touch. Steentjes wegvegen, verstopte waterafvoer / ijzel op de baan oplossen... pas dan gaat de weg open. Wat een werk om vanaf begin juni de fietsers en autotoeristen te kunnen verwelkomen op de mytische Col du Galibier. 


In Plan Lachat gingen de raquettes aan. Een klassieke lus : Lac en Col de Cerces.
Eens weg van de rivier was het muisstil. Ik stopte een paar keer om de stilte te laten inwerken. Bij eentje ervan een scene die een bijbels visoen waard was : een grote roofvogel kwam aangezeild. Ik dacht : einde verhaal voor die marmot. Maar neen : de roofvogel deed geen poging. Ze wapperde wat met de vleugels en de marmot ging 20 - 30 meter verder zitten en keek om. En dat nog een keer of drie. Wat was dat ?

Bij Lac des Cerces (2410) durfde ik de skisporen dwars over het meer niet meer volgen. Eromheen, met extra hoogtemeters, maar wel veilig. Hetzelfde met de col (2574) : die zou later op deze warme dag misschien lawinegevaarlijk worden, dus netjes via het minst risicovolle tracé en vóór 12 uur erover.


Bij Lac de la Clarée (2430) doe ik een lange pauze. Eten, dutje, van de stilte genieten. Ik plak er nog een extraatje aan via les Banchets, een klein rustig voortopje vlak bij het verticaal geweld van de rotstorens. De sneeuw wordt ieder kwartier slechter. Op de gekste momenten zak ik door de zacht geworden sneeuwkorst. Als contrast met al dat gestuntel paradeert een gems elegant voorbij. 


In de Refuge des Drayères (2170) is er een misverstand. Ik wist dat ze niet bewaakt zou zijn. Wat ik niet wist, is dat er 4 weken intensief verbouwd wordt. Na wat over en weer gebabbel met de twee stielmannen krijg ik toch een bed binnen. 

Vroeg avondeten in het zonnetje, vroeg naar bed. Morgen vroeg opstaan. 
Dag 3 - Ref. des Drayères - Col de la Plagnette - Crête de Grand Château - Ref. de Terre Rouge 
16 km 1300 m+ 1300 m-

Ik was té vroeg op. De sterren waren er nog toen ik de geïmproviseerde eetzaal (midden de bouwwerf) binnenkwam. Dus werd het een langzaam ontbijt met veel theegeslurp.

6h30 was beter. Perfect bevroren sneeuw. Eerst een stuk zonder raquettes op het pad in een zuidgerichte helling, dan met raquettes. Rond het Lac Rond was het niet zoeken naar de perfecte lijn : een of andere rupstruck van het leger had die gebaand.


Bij de Col de la Plagnette (2530) gaat het licht weer even uit. Deze Combe, pal noord tussen rotstorens, is echt een duistere diepvries. De Tubbs raquettes die ik meekreeg bijten perfect in het keihard bevroren laagje sneeuw. Gewone crampons zouden even goed werken.


Onderaan die Combe was het tijd om een route naar de kam te kiezen. De tracés die ik voorbereid had, konden deels de vuilbak in. Hier is al heel veel sneeuw weg ! Lawinerisico doet er even niet toe, wel een logische lijn en ver genoeg op de kam komen om geen last te hebben van corniches (overhangende sneeuwluifels).
De klim liep erg soepel. Op deze helling was er nog niet veel zon - nog steeds perfecte sneeuw. Alleen : hier en daar moeten de raquettes even uit.

De kam is magnifiek. Twee anderen mensen volgen ze in de andere richting, ook op raquettes. 


De afdaling door slappe sneeuw met een zwak half gedooid korstje en nog een paar keer raquettes aan en uit, is ellende. Niets aan te doen : de hut ligt aan de overkant van de rivier en er is maar één brugje. 


De laatste klim is in slow motion. Het energievat staat erg laag. 
De hut is leeg. Uiteraard niet bewaakt, we zijn in het seizoen dat niet bestaat. Maar de perfect ingerichte winterkamer voor vier is er wel. Ik wissel eten en drinken op het terras in de zon af met een vette siësta in de slaapzak, binnen. 

Dag 3 Ref. de Terre Rouge - Roche Noire H/T
10 km 1000 m+ 1000 m-

Deze berg is in de winter erg populair omdat er bijna nooit lawine problemen zijn. De klim gaat door een vallei van ca. 1 km breed. Links en rechts steile wanden, en in het midden een reeks brede ruggen. Blijf je op die ruggen, ben je in principe safe.

Het stappen was zalig. Gewoon omhoog, af en toe de kaart checken en genieten van het uitzicht. Een groot stuk van de Franse Alpen is in beeld. Mont Blanc, Barre des Ecrins en zijn buren, Aiguilles d'Arve, de Thabor en zijn buren vlakbij met daarachter de Nebbia, de mooiweermist van de Italianen. 
Met toch een kleine frons bij de donkere wolken die opkomen. 
Op de top even opletten : er is een korte smalle passage. Er was al zoveel bezoek dat er een soort spoor ligt maar het blijft tricky.

Terug in de hut maak ik tijd voor klussen : mezelf wassen, sokken en ondergoed wassen, een wondje verzorgen... Voor een losgekomen naad op de rugzak heb ik het juiste gerief niet bij.

En daarna voor een wandelingetje vlakbij. De kapel van Notre-Dame des Neiges. Prachtige plek. Geen woorden voor. Jin en Yang van het seizoen dat niet bestaat. 




Dag 4 Ref. de Terre Rouge - Ref. du Thabor par les 4 cols
10 km 950 m+ 650 m-

Rustig opstaan, rugzakje maken, mijn huisje voor 2 nachten opruimen...
En hop, vertrokken. Eerst gaat het gemakkelijk : de vele sporen in de vlakte onder de hut volgen.
Wat verder splitst het. Wat een chaotisch terrein hier. Ik vind miijn eigen route tussen de vele rotsbanden, heuveltjes en geulen. Het spoor verdwijnt, weggesmolten of bedekt door het beetje sneeuw dat hogerop is gevallen. Dus toch maar gewoon navigeren zoals de voorbije dagen.

Deze keer is het uitzicht minder grandioos. De toppen van de Écrins en Aiguilles d'Arve uiteraard wel. De echte sterren van deze dag zijn de rotswanden van de Mont Thabor en de Cheval Blanc.

De klim tot de eerste col (de Passage du Pic, 2952) was doorbijten. Daarna werd het gemakkelijker, beetje op en neer. De omwegjes hebben iets van rustig flaneren. (Dat is natuurlijk niet echt zo, alleen in vergelijking met de klim ervoor). De omweg naar de Col de Peyron zeker. Het uitzicht. En... je kan niet alle dagen pauzeren op een stapel pure witte kwarts.

De Col de Cheval Blanc (2791) is een makkie, de Col des Battalières (2804) ligt er helemaal droog bij. Raquettes aan en uit.


De Thabor hut ken ik al van vorige exploten. Ik blijf niet alleen,. Eerst komt een skiër aan, Hij komt uit Chambéry en trekt zowat elke mooie dag de bergen in. Dan een vader en twee zonen uit Parijs, op lichte trailrun schoenen. Die wellicht nog nooit in de bergen waren in het seizoen dat niet bestaat. Maar goed dat we ze op weg konden helpen. (We, de skiër en ik.  We gaven ze los van elkaar ongezouten onze mening). Ze dalen morgen af en wandelen de rest van de week in Névache. Ruim onder de sneeuw waar je 's morgens crampons voor nodig hebt. En ruim onder de zone waar je later op de dag alles over lawines moet weten. Weer zo'n slachtoffer van die moderne wandelapps.

Dag 5 Mont Thabor H/T. En nog een extraatje. 
15.5 km 1300 m+ 1300 m-

Prachtige top. Met erg diepe en dierbare herinneringen. 

Klimmen en dalen was zoals de dagen ervoor. Zeer in het kort : vroeg starten, goede harde sneeuw, af en toe eens een ongeplande variant, intense stilte, lieve marmotten, prachtig uitzicht, super mooi weer. En ik kan ondertussen al een pak beter overweg met hellingen slappe sneeuw later op de dag.


Ik was vooral bezig met klimaatverandering in de bergen. De permafrost waar de kapel (3165) op staat, smelt jaar na jaar verder weg. Wordt dit eeuwenoud gebouw hersteld ? Of toch maar niet ?
En met de betekenis van die naam - de berg Thabor. In welk verhaal van Jezus speelde die ook weer een hoofdrol ? Wat zouden we er in deze gekke tijden van leren ? Deze gekke tijden waarin de bijbel weer hard aan het werk wordt gezet om grootschalige vernielingen mee goed te praten en de anderen te demoniseren.

Na de middag doe ik nog een extraatje naar Mounioz. Daar staat nog een oude WO2 bunker. Af en toe vind ik dat wel leuk om zo'n ondergronds complex te verkennen. Ik vond vrij snel een ingang. Na een half uur was de deur vrijgeschept. Het bleek een kleine hulpbunker, niet aangesloten op de ondergrondse gang. De echte hoofdingang - bleek later - zat diep onder de sneeuw.

Vanavond is het nog drukker in de hut. Weekend én mooi weer. Dat trekt toch nog wat volk aan. We zijn met 8. Ah neen met 10. Bijna claustrofobisch in een hut voor 24...


Dag 6 Ref. du Mont Thabor - Col de la Roue - Valfrejus 
15 km 650 m+ 1450 m-

Wat een drukte weer 's morgens. Na al die dagen helemaal alleen in de bergen is dit wennen.
Ik was eerst weg. Nog altijd schitterende condities hier, dus alles is mogelijk. Ik houd het bij geleidelijk uitbollen. Vandaag eindigen bij Valfrejus. Maar eerst een deftige doel : Col de la Roue. Perfect veilig... als ik er maar weer wegben tegen de middag. Opnieuw een schitterende etappe, helemaal anders dan de vorige dagen. Een brede vallei tussen twee imposante rotswanden. Vol resten van een reeds lang verdwenen gletscher. 

De sterren van de dag zijn de honderden marmotten. Ook voor hen is het nu het seizoen dat niet bestaat. Te warm om nog in winterslaap te blijven. Maar te vroeg op het jaar om al iets te kunnen eten. Dus zitten ze gezellig samen te genieten van de zon. Alleen de pubers hadden energie teveel. Ik zag er twee duwen en rollen. Tot de tante van dienst er genoeg van had en ze hardnekkig bleef aanporren tot ze weer vlak bij het hol waren.

Ik had ze al een paar keer gezien. Het Franse leger zet infoborden bij de vele militaire bouwsels die hier overal staan. Of toch niet. Het gaat alleen over die veldslag van enkele dagen in juni 1940. De Italianen vielen aan, zonder enig plan, laat staan zonder de juiste middelen en training. En werden overal tegengehouden.
Maar niets op die bordjes over het eindeloze wachten en bouwen en wachten en bouwen van de Franse miliciens. En niets over het drama van de Italiaanse soldaten die gekleed en opgeleid waren voor tegenaanvallen in de Po-vlakte. En die dus 10 keer meer afzagen van de kou dan van de gevechten. Een gemiste kans, die Sentiers de Mémoire. 

De afdaling over een skipiste ... neen, ik koos voor het bospad. Met opnieuw een paar verrassingen. Bv. dat bij de dooi de kruipwilgen die heel de winter plat onder de sneeuw lagen, terug langzaam rechtkomen. En op een bospad ferm in de weg zitten natuurlijk. 
Dag 7 - Valfrejus - Rocher de Bonnenuit - Modane 
12 km 950 m+ 1550 m-

Een onverwacht mooi einde.
Ik moest hoe dan ook eindigen in het station van Modane. En ik wou nog eens ern echte snowshoe top doen, eentje met veel bos die de skiërs links laten liggen. 
Het werd de alpage de l'Arplane met twee topjes, de Rocher de Bonnenuit (2590, de hoogste) en de Truc (2483, die met het topkruis en met het mooiste uitzicht).

Helemaal alleen. Ook op deze zondag met ideaal topweer was er geen mens te zien.

Wel gespot : 5 gemzen, een vosje, veel lentebloemen, vogels en vlinders. 


De ster van de dag is het uitzicht. Vanop de Truc zie je alle facetten van de Mauriennne vallei : het drukke spoor en wegverkeer bij Modane, 100 jaar fortenbouw, de prachtbergen van Vanoise aan de overkant en de minder gekende van Aiguille de Scolette en zijn buren vlakbij. 

Reacties